
P/a Dorus Rijkersstraat 45, 4671 AB Dinteloord
Naar aanleiding van de tervisielegging van
het Ontwerp Inpassingsplan en de
Milieueffectrapportage van Agro en Food Cluster West-Brabant dient
Stichting Glashard NEE haar
zienswijze in.
Procedure
Wij hebben helaas moeten
constateren dat in de bibliotheek van Dinteloord geen rapporten lagen ter
inzage voor het indienen van een zienswijze zoals wel was aangekondigd door de
provincie. Op 15 december j.l. hebben wij hier
melding van gemaakt tijdens de informatiebijeenkomst daarna nog op 5 januari telefonisch.
Echter zonder resultaat. Een ernstige nalatigheid.
Wij betreuren het dat het
verslag van de informatieavond in Oud Gastel van 15
december 2009, pas na de zienswijze periode beschikbaar is. Tijdens deze
bijeenkomst is gevraagd om een lijst van niet gewenste
bedrijven. Tevens zijn er nieuwe gedaan met betrekking tot de inrichting van
het AFCWB, die we graag op papier hadden teruggezien.
Park Management:
(Blz. 26 hoofdrapport MER)
In de MER wordt gesteld dat
winstgevende symbiose/samenwerking voornamelijk vorm krijgt op basis van onder
andere een goed opgezet Park Management. In de verdere
beschrijving van de MER wordt steeds onduidelijker of dit wel of niet
gerealiseerd kan worden. Wij zijn van mening dat een goed Park Management een
voorwaarde zou moeten voor de ontwikkeling van dit project.
Licht emissie.
Ten aanzien van lichtemissie
wordt niet duidelijk aangegeven hoe strikt de handhaving van gestelde normen
wordt georganiseerd. De MER en de OPIP kennen te veel “mitsen”!
Er worden openingen geboden
voor meer emissie nabij de snelweg, die in de huidige situatie alleen verlicht
is bij de aansluiting op de provinciale weg.(De A29 is vanaf Willemstad tot de
aansluiting met de N59 geheel donker).
De
lichtemissie is hier niet zo groot als in de MER wordt gesuggereerd (blz.71
hoofdrapport MER) Tevens worden emissies van de overige bedrijven niet
meegenomen in het geheel.
In de MER, maar met name in de OPIP worden de woorden mits
en tenzij regelmatig gebruikt voor
lichtuitstoot, hoogte van de kassen en verstrekken van vergunningen. Komt er
een speciale commissie of komen er specifieke richtlijnen die onderzoeken wat
een uitzondering is? Waar kan de burger terecht voor zijn vragen en eventuele
klachten? Er zijn voldoende situaties bekend in Nederand
waar de burger aan het kortste eind trekt. In Rilland Bath
heeft zelfs een rechterlijke uitspraak geen oplossing geboden voor de burgers.
Handhaving
In de MER en de OPIP wordt
regelmatig gesproken over handhaving.
Naar onze mening wordt hier
zeer vrijblijvend mee omgegaan. Wij zouden graag zien dat het begrip handhaven
concreter wordt omschreven. In de kern Dinteloord is al jarenlang sprake van
overlast van het vele zware vrachtverkeer. De gemeente zegt geen mogelijkheden te hebben tot
handhaving. Een ander voorbeeld is Sun Class in de
kern Nieuw Vossemeer.
Inrichting van het
gebied
De MER besteedt geen aandacht
aan de overlast die zal ontstaan tijdens het inrichten van het AFC. In de MER wordt alleen aangegeven dat het dorp Stampersgat
niet meer hinder mag ondervinden ten opzichte van de huidige situatie. Naar
onze mening wordt er geen rekening gehouden met de inwoners van de kernen Fijnaart, Heijningen en
Dinteloord. De kernen zullen worden geconfronteerd met aanvoerstromen van
bouwmaterialen enz. En moeten aankijken tegen een enorme bouwput gedurende de
aankomende tien jaar. En daarna volgt de tweede fase met alle gevolgen van
dien.
Westland Steenbergen (Blz 26 van de
MER)
In de MER staat beschreven
dat het Glastuinbouwgebied Westland Steenbergen zowel
ruimtelijk als financieel moet zijn afgerond alvorens er gestart kan worden met
de ontwikkeling van het AFC. In de hele discussie wordt over dit onderwerp niet
gesproken. Wij willen graag weten wat deze afspraak waard is.
Rijksmonumenten
In het gebied zijn twee monumenten
aanwezig:
De boerderij aan de Noordzeedijk en het hoofdgebouw van de Suiker Fabriek aan
de Noordzeedijk.
In de MER worden voor de
boerderij verschillende opties gegeven voor gebruik, b.v. een restaurant of een
informatiecentrum. Wie is verantwoordelijk voor het behouden van de monumentale
waarden van deze monumenten.
Natuur
Het verdwijnen van de GHS natuurparel
bij de kruising Noordzeedijk – Mark-Vlietkanaal is negatief beoordeeld in het VKA. De
compensatie ervan dient een onderdeel te zijn bij de ontwikkeling van het AFC.
De realisatie hiervan moet beter worden uitgewerkt in de MER. Wij zijn van
mening dat het onderwerp Natuur
onderbelicht wordt in de MER. Lijsten van beschermde dieren zijn niet compleet.
Het aantal gebieden die negatief zullen worden
beïnvloed is groter dan de vermelde gebieden. Recente gegevens van SOVON
ontbreken in de beschrijving, terwijl hier duidelijk aandacht voor is gevraagd.
Kortom: onvoldoende.
Cultuurhistorie.
Er is inmiddels
meer onderzoek gedaan, maar het feit blijft dat de polders op zich, in al hun
huidige weidsheid en structuur al 400 jaar bestaan en nu werkelijk worden
aangetast in hun karakter. Van “inpassing” is geen sprake bij het
ontwerp van het nieuwe “landschapselement” met zijn hoge boomloze
wallen en verstedelijkte structuur.
Symbiose, synergie en
duurzaamheid.
De beschreven ambities in de
MER zijn hoog. De genoemde mogelijkheden tot samenwerking en uitwisseling zijn
talrijk. Als deze ambities gerealiseerd gaan worden, vereist dit een grote
investering van de zich te vestigen bedrijven. De te ontwerpen infrastructuur
voor CO2 leidingen, gasvoorzieningen en waterstromen zal van te voren moeten
worden gepland om nog enigszins kosteneffectief te zijn. Het zou ook aan te
bevelen zijn de bedrijven zodanig te plaatsen dat de lengte van de leidingen
beperkt kan worden. De MER geeft niet weer hoe die investeringen worden vereist
en hoe het parkmanagement deze gaat organiseren.
Gelet op de wijzigende
Europese subsidieregelingen wordt de bietenproductie een grote variabele factor.
Wat zijn hiervan de gevolgen voor de synergie?
Werkgelegenheid
Het uitgangspunt van dit project
is van meet af aan geweest om in te spelen op de regionale behoefte aan werk.
In de MER en de OPIP ontbreekt de onderbouwing van de geprognotiseerde
werkgelegenheid in relatie met de lokale en regionale behoeftes.
Er is gemis aan onderbouwing
over de opmerking dat het AFC de verzorging in alle kernen zal verbeteren.
Onduidelijk is over welke verzorgingsaspecten het hier gaat.
In de MER (blz. 24) wordt aangegeven dat het gaat om 1500 arbeidsplaatsen. In
de politieke discussie wordt voornamelijk gesproken over arbeidsmigranten.
Wij vragen ons af hoe dit zich verhoudt tot de
synergie tussen werkaanbod van het AFC en de vraag naar werk in de regio.
Huisvesting
arbeidsmigranten.
Volgens het onderzoek van HAS
Kennistransfer (blz 60 OPIP) gaat het om
660 – 990 werknemers die
een specifieke huisvestingsbehoefte hebben.
De te creëren woonruimte voor
deze mensen legt een extra zware druk op de leefbaarheid van de kleine kernen. Wij
zijn van mening dat de gemeenten worden opgezadeld met de lasten die het bieden
van woonruimte met zich mee brengt. Wij willen meer weten over
dit onderzoek van HAS Kennistransfer
Verkeer en Oostelijke
ontsluiting Dinteloord.
De gevolgen voor de
verkeersstromen in Dinteloord worden veel negatiever dan is beschreven in het
rapport. Verbinding tussen bedrijven van Dintelmond
en die in Dinteloord zelf zullen intensiever worden gebruikt. Hoewel deze wegen
buiten het plangebied liggen zou het toch een vereiste zijn deze infrastructuur
als onderdeel hiervan te beschouwen.
In de afgelopen jaren is
gebleken dat de kern Dinteloord in toenemende mate belast wordt met
sluipverkeer. In de MER wordt ook melding gemaakt van het risico dat het
sluipverkeer toeneemt. Welke instantie is verantwoordelijk voor controle ofwel
handhaving?
Geurbeleid
In de
OPIP wordt melding gemaakt dat er tijdens de laatste bietencampagne metingen
worden verricht. Dit is noodzakelijk voor de onderbouwing
van een nieuwe vergunningverlening in het kader van de Wet milieubeheer.
De provincie is
verantwoordelijk voor een geurbeleid dat in 2010 gereed moet zijn.
Inwoners
van de omliggende kernen hebben aangegeven dat zij in de toekomst niet 4
maanden maar 12 maanden per jaar last hebben van de stank. Omdat
er op dit moment geen duidelijkheid wordt gegeven is de verontrusting groot.
Geohydrologie
In de MER
ontbreekt een geohydrologische risicoanalyse. Zoute
kwel vormt een risico als de waterlens van de neerslag door 100-
Windturbines
In de MER en de OPIP wordt verschillend
geschreven over de plaatsing van windturbines. Ook wordt
aangegeven dat er een aparte MER procedure komt.
Dit wekt veel onrust en
onduidelijkheid. Aangezien de aanwezigheid van windturbines van grote invloed
is op de leefbaarheid van de kernen,
wensen wij
hier meer duidelijkheid over.
Fase 2
Fase 2 krijgt veel aandacht
in de MER, terwijl dit niet binnen het huidige plan hoort. Wij zijn van mening dat dit extra
verwarring geeft.
Evaluatie
Een verplicht onderdeel van
de MER is dat het bevoegd gezag ook een evaluatieprogramma vaststelt. Ook
wordt aangegeven welke onderdelen er in het programma moeten komen (zie blz.
94).
Wie is bevoegd Gezag die het
plan toetst en de evaluatie commissie samenstelt?
Op welk moment vindt het
evaluatieprogramma plaats.?
Wanneer krijgen de inwoners
inzicht in het evaluatieprogramma.
Wel de lusten, niet de
lasten,
Het project AFC is voor de
initiatiefnemers, Suiker Unie en de TOM, een prestigezaak. Volgens
ex-gedeputeerde de heer Rüpp, een project van
internationale allure waar alles beter en mooier is!
Zij zullen gaan oogsten, krijgen
de lusten, maar de inwoners van Dinteloord, Stampersgat,
Fijnaart en Heijningen
krijgen de lasten. Denk aan de enorme toename van vrachtverkeer die
luchtvervuiling en geluidsoverlast veroorzaken. De onduidelijkheid over de
regels voor lichtemissie geeft eveneens aanleiding tot grote zorg.
Vooralsnog ontbreekt elk beleid
ten aanzien van de instroom van arbeidsmigranten naar de kernen. Wanneer worden
de burgers betrokken bij deze discussie? De infrastructuur wordt de
verantwoordelijkheid van de Gemeente Steenbergen. Dit betekent lastenverzwaring
voor de inwoners, de provincie betaalt niet mee.
Financiën
In publicaties van de laatste
3 jaar uit de Agri-Holland en krantenartikelen concluderen
wij dat veel glastuinbouwbedrijven in zwaar weer verkeren.
Deze artikelen dateren al van ruim
voor de economische crisis.
Door de extra
investeringskosten van de dure AFC, zullen veel bedrijven afzien van vestiging
in de Oud Prinslandse Polder.
De meest recente publicatie is van
de Rabobank (veruit de grootste financier van de Nederlandse Land en tuinbouw)
d.d. december2009 waarin gemeld wordt dat de kredieten ter grootte van een
miljard euro aan de glastuinbouw als onzeker te boek staan. Dat komt neer op
15% van het uitstaande geld in deze deelsector.
Tenslotte
De vrijblijvendheid die we ervaren
bij het lezen van de MER en de OPIP vinden wij opmerkelijk. De ontwikkeling van
dit project, die van grote invloed is op alle
inwoners van de
omliggende kernen dient dus zeer zorgvuldig
tot stand te komen.
DE MER en OPIP roept
alleen nog maar meer vragen op.
Dinteloord 2 februari
2010
Namens Stichting
Glashard NEE:
Nel van der Meer
Ruud Temminck
Ans Postma
Paul Koch
Marjolein Barreveld
Hans Nelisse
Marijn Aarts
Wietze Postma